In gesprek met het College van Bestuur



CvB

In gesprek met het College van Bestuur

2009: Rijke oogst na een turbulent jaar

Tumult, transitie en toch de rust zoeken. 2009 was een jaar waarin De Haagse Hogeschool bestuurlijk flink op de proef werd gesteld. “Het was een beetje ingewikkeld”, zegt Susana Menéndez met gevoel voor understatement. In 2008 trad zij als nieuw collegelid aan. In dat jaar kwam er ook een aanklacht tegen De Haagse Hogeschool binnen wegens discriminatie. In 2009 begon de zoektocht naar oplossingen en werd na stevige discussies een aantal knopen doorgehakt. “Dat heeft veel emotionele energie gevergd, van alle betrokkenen”, aldus Susana Menéndez.

Ondertussen moest er gewoon doorgewerkt worden. Want het onderwijs gericht op studiesucces van de student is core business. Els Verhoef: “Wij kwalificeren duizenden studenten elk jaar voor een beroep én vormen hen voor het leven. Daarbij was 2009 het laatste jaar van Pim Breebaart die, als voorzitter van het College van Bestuur 12,5 jaar het gezicht van De Haagse was. Ook hij kijkt terug op een veelbewogen periode. Het was een bijzonder jaar maar ook een jaar dat een rijke oogst aan ervaringen opleverde.

Kwaliteit

Bestuurlijk ging in 2009 een nieuwe planperiode van start met het Hogeschoolontwikkelingsplan (HOP) 7. Daarin is duidelijk gekozen voor continuïteit. De drie kernthema’s blijven overeind: kennisinstelling, het opleiden tot professionals en maximale participatie. Susana Menéndez: “Het toont bestuurlijke kracht als je niet meegaat met modieuze thema’s. HOP 7 verlegt wel een paar accenten. Zo wordt De Haagse als kennisinstelling nog meer benadrukt”. Pim Breebaart: “Studenten moeten kritische gebruikers worden van wetenschappelijke kennis.” Praktijkonderzoek is meer dan het doen van een telefonische enquête. Wetenschappelijke criteria moeten aan de basis liggen van elk onderzoek en niet alleen het onderzoek door de lectoren. Daarbij moeten studenten ook leren reflecteren op wat ze doen. Pim Breebaart: “Het moeten dénkende doeners zijn.”

Susana Menéndez ziet ook geen verschil in kwalitatieve zin tussen onderzoek aan hbo of universiteit. “Het hbo- onderzoek is gericht op de praktijk. Maar het moet voldoen aan precies dezelfde wetenschappelijke maatstaven.” Een belangrijke opgave voor het college om dit in 2010 hoog op de agenda te houden.

Elan

Voor die kritische reflecterende student is een goed gekwalificeerde docent een absolute voorwaarde. Pim Breebaart: “Een goede docent combineert enorme betrokkenheid èn kennis met inzicht in het leerproces van studenten.”Er is veel geïnvesteerd door onder andere het stimuleren van het halen van een masteropleiding. Pim Breebaart: “Nu heeft 69% van de docenten een master, in 2012 moet dat 90% zijn”. Velen zijn aan het studeren en met succes, want er waart een nieuw elan door de school. Merkbaar is hoe docenten opleven doordat ze weer leren. Els Verhoef ontmoet mensen die keihard studeren in combinatie met werk. “Maar ze lachen van oor tot oor, studeren geeft je vleugels, het tilt mensen op.”

Het merendeel van de docenten heeft nu een master of haalt deze binnenkort. Enkelen zijn aan het promoveren. Vraag is hoe de rest nog mee te krijgen. Els Verhoef wijst erop dat veel mensen met door ervaring verworven competenties toch dat diploma kunnen halen. “Diploma’s vinden wij belangrijk, dat zijn we aan onze stand verplicht!” Susana Menéndez heeft financiën in haar portefeuille en maakt een nuchtere kanttekening: “En het moet ook betaalbaar blijven.” Het is dus belangrijk dat iedere nieuwe medewerker al een masterkwalificatie bezit.

Studiesucces

Een blijvende zorg is het hoge percentage uitvallers onder studenten. Een landelijk probleem, maar bij de groep hogescholen in de Randstad nog dringender. De uitval bij eerste generatie studenten - vaak jongeren van niet-westerse allochtone afkomst - is te groot. Het ministerie heeft hier in 2009 extra gelden voor beschikbaar gesteld. Er is jaren van alles geprobeerd om uitval tegen te gaan. Els Verhoef: “We zijn erg goed in het bedenken van oplossingen, maar er moet nu meer aandacht naar de analyse van de oorzaken.” Een interessant voorbeeld is de PABO. De opleiding voldoet eigenlijk aan alle eisen voor een hoog studierendement: een duidelijk beroepsperspectief, een gestructureerd aanbod van lessen, veel contacturen. En toch een grote uitval. Oorzaak bleek hier het lage niveau van taal en rekenen van de studenten bij binnenkomst in de opleiding.

Ook andere academies moeten zich beraden op grondige analyse. Susana Menéndez: “Eigenlijk moet je per jaar, per cohort studenten, per klas bijna onderzoeken wat het studiesucces bepaalt.” Daar is meer kwalitatief onderzoek naar nodig volgens haar. Els Verhoef vindt dat ook veel eerder in de opleiding aandacht moet zijn voor uitvallers. “Zelfs vóór ze hier komen studeren.” Waarom kies je déze studie, wat kun je als student verwachten, wat wordt er van je gevraagd aan inzet? Selectie is niet aan de orde. “Een derde van onze studenten is intrinsiek gemotiveerd, maar ook die andere groep moeten wij hier opleiden.” Susana Menéndez valt haar bij: “Dat is het emancipatoire karakter van De Haagse Hogeschool.” Een grote groep studenten weet nog niet wat ze willen, en toch wil je die ook bereiken. En daarbij ook hoge rendementscijfers halen? Els Verhoef beschouwt dat niet als een onmogelijke opgave. “Nee, dat is onze opdracht!”

Eén van de accentverschuivingen in HOP 7 is de keuze voor differentiatie. Susana Menéndez: “Ook excellente studenten moeten hier blijven studeren.” Er vallen niet alleen studenten uit omdat het te moeilijk is, maar ook als de studie juist te weinig uitdaagt. Dit geldt bijvoorbeeld voor vwo-ers, maar ook voor gemotiveerde havisten. Daarom wordt gezocht naar een meer passende aanpak en meer maatwerk.

Verwachtingen over de opleiding kunnen ook beter gemanaged worden. Door de voorlichting realistischer te maken, bijvoorbeeld als je HBO-V wilt gaan studeren. Susana Menéndez: “Het is dan beter van te voren te weten dat je vanwege je geloof geen mannen kunt wassen, want het beroep maakt geen verschil tussen mannen en vrouwen.”

Discriminatie

En juist bij een opleiding met een hoog aantal succesvol studerende niet-westerse allochtone studenten werd discriminatie ervaren. In 2009 kwam de Commissie Gelijke Behandeling met een eigen onderzoek dat deze discriminatie bevestigde. Twee docenten zijn door De Haagse Hogeschool onvoldoende beschermd tegen ‘discriminatoire bejegeningen.’ Een schokkende en pijnlijke ervaring voor De Haagse Hogeschool, die jarenlang uitdrukkelijk een open klimaat bevorderde. En waar een enorme diversiteit aan culturele achtergronden studeert en werkt. In 2007 werd aan De Haagse al ‘etnische clustering’ geconstateerd: studenten van gelijke achtergrond zochten elkaar steeds meer op. “Er waren wel al eerder spanningen,” aldus Els Verhoef, “en nu ervaar ik het als een zegen dat het naar buiten is gekomen, het is nu bespreekbaar.” Het taboe is eraf. De vele inspanningen van De Haagse Hogeschool waren blijkbaar niet voldoende om discriminatie te voorkomen. In 2009 heeft het CvB na stevige discussies knopen doorgehakt. “Het was niet gemakkelijk,” verzucht Susana Menéndez, die als nieuweling in de organisatie een relatief voordeel had. “Ik was niet ‘belast’ met het verleden van De Haagse Hogeschool en kon daarom onbevangen de discussie aangaan.”

Het is geen nieuw feit dat de Nederlandse samenleving polariseert en dat deze problemen zich ook binnen De Haagse muren voordoen. “Maar dat is geen reden om het niet aan te pakken”, aldus Els Verhoef. Een belangrijk besluit in 2009 was om de hele organisatie hetzelfde programma voor diversiteit en antidiscriminatie te laten doorlopen. Iets opleggen van bovenaf, dat was überhaupt al heel wat. Els Verhoef: “Er kwamen reacties als: wij hebben hier geen allochtonen, dus waarom moeten wij meedoen?” Susana Menéndez: “Maar juist iederéén moet die culturele gevoeligheid ontwikkelen, je moet je bewust zijn van je eigen normen en waarden, het gaat om de bril waarmee je naar anderen kijkt.” Een basiscursus ‘welke gebruiken hebben Marokkanen of Turken’ voldoet hier niet. Susana Menéndez: “Zelfonderzoek is nodig, zelfreflectie, dan pas kun je goed omgaan met mensen die anders zijn dan jij.” Uiteindelijk kwam er waardering van buiten voor de stellingname van het college, van de Commissie Gelijke Behandeling die deze aanpak dapper vond. Maar ook in de hogeschool werd opluchting ervaren door de duidelijke keuzes die het college maakte.

Pim Breebaart: “We zijn rijker geworden hierdoor, deze stevige discussies hebben ons sterker gemaakt als hogeschool.” Het college blijft werken aan de inbedding van intercultureel bewustzijn. Oók omdat de organisatie hiervan voordeel zal hebben. Susana Menéndez: “Het is het feest der diversiteit!” Uit onderzoek (Catalyst, New York, 2008) blijkt dat beursgenoteerde bedrijven die een grote diversiteit aan personeel hebben, beter presteren. Logisch, volgens Susana Menéndez: “Verschillende invalshoeken leiden tot betere oplossingen van problemen.”

Uit Het Kompas, het medewerkerstevredenheidsonderzoek van De Haagse Hogeschool, bleek dat in 2009 vrouwen de meeste discriminatie ervaren. Els Verhoef: “Blijkbaar is deze vorm van discriminatie al zo gewoon, zo ingesleten, dat vrouwen niet eens meer de moeite nemen om het te melden.” Susana Menéndez: “Dit is ontzettend te betreuren.”

Het blijkt dat diversiteit meer is dan de etnische of religieuze kwesties. Andere groepen moeten niet ondergesneeuwd raken. Het college is voorlopig nog niet klaar met deze opgave. Susana Menéndez: “We hebben er veel aan gedaan, maar we zijn er nog niet.” In 2009 is hard gewerkt om docenten en studenten met een open basishouding dit gesprek met elkaar te laten voeren. De beroepspraktijk vraagt daar ook om. "Wereldburgerschap begint op je eigen school."